Inwendige spanning van de tweede soort
Inwendige spanning van de tweede soort zijn microscopische spanningen tussen korrels, die ontstaan door ongelijke vervorming. Deze beïnvloeden het vloeien van het materiaal.
Fysisch-chemisch werkingsmechanisme
Eigenspanning van de tweede soort ontstaat wanneer aangrenzende kristallieten of korrels verschillend vervormen. Deze spanningen zijn microscopisch en werken over de grenzen van individuele korrels heen.
Metallurgische relevantie & risico's bij het lassen
Eigenspanning van de tweede soort kan leiden tot microvervormingstoestanden, waardoor het materiaal verhardt en de taaiheid afneemt. Ze verhogen het risico op scheuren en slijtage. In de lasnaad kan dit leiden tot verhoogde gevoeligheid voor heetscheuren en koudscheuren.
Werkstattpraxis & instructies
Om eigenspanning van de tweede soort te minimaliseren, is het belangrijk om een gelijkmatige vervorming van het materiaal tijdens het lasproces te waarborgen. Dit kan worden bereikt door de juiste keuze van lasparameters en controle van de afkoelstappen. Een optimale koelsnelheid (t8/5) van 10 tot 20 seconden wordt vaak aanbevolen om een gelijkmatige korrelstructuur te verkrijgen.