Doorhardingsdiepte
De doorhardingsdiepte is de laagdikte waarin een bepaalde hardheid wordt bereikt, vanaf de randlaag. Deze geeft aan hoe diep de hardheid in de materiaalwand doordringt.
Fysisch-chemisch werkingsmechanisme
De indringdiepte beschrijft hoe diep een bepaalde hardheid (bijv. 50 HRC) in de metaalkern van de lasnaad doordringt. Dit proces hangt af van de koelbelasting en het afkoelgedrag van het metaal.
Metallurgische relevantie & risico's bij het lassen
Een te geringe indringdiepte kan leiden tot onvoldoende hardheid in de kern van de naad, wat de mechanische eigenschappen en het contractvermogen aantast. Een te grote indringdiepte kan leiden tot een glasharde korrelstructuur en een verhoogd risico op scheuren en heet scheuren.
Werkplaatspraktijk & instructies
Om de indringdiepte te beheersen, is het belangrijk om de koelbelasting en het afkoelgedrag van het metaal te optimaliseren. Dit kan door een zorgvuldige keuze van de lastechniek (bijv. TIG-lassen) en het aanpassen van de koelpistolen. Een typisch doel is een hardheid van 50-60 HRC in de randlaag, met een indringdiepte van ongeveer 1-2 mm.