Flankinsmelting
Ondersnijding is een scherpe groef aan de rand van de lasnaad, ontstaan door te hoog vermogen en werkt als een kerf. Het leidt tot porositeit en vermindering van de mechanische eigenschappen.
Fysisch-chemisch werkingsmechanisme
Flankinsmelting treedt op wanneer het lasvermogen (warmte) te hoog is. Dit zorgt ervoor dat het metaal aan de rand van de naad sneller smelt dan in het midden. Het scherpe temperatuurverschil tussen de flanken en de kern veroorzaakt een ongelijke spanningsontwikkeling, wat leidt tot een groef of kerf.
Metallurgische relevantie en risico's bij het lassen
Flankinsmelting kan porositeit aan de rand van de naad veroorzaken, wat de mechanische eigenschappen zoals sterkte en taaiheid beïnvloedt. Bovendien kan het leiden tot scheuren en hete scheuren, vooral wanneer het metaal onder mechanische belasting staat.
Werkplaatspraktijk en instructies
Om flankinsmelting te voorkomen, moet je het lasvermogen beheersen. Dit kan door een optimale instelling van de lasparameters, zoals stroomsterkte en warmtetoevoertijd. Een zorgvuldig gebruik van beschermingslagen of kerf-elementen kunnen ook helpen om het temperatuurverschil tussen de flanken en de kern te minimaliseren.