Lötspalt-Dimensionierung
De spleetbreedte wordt zo gekozen dat bij de soldeertemperatuur de capillaire krachten optimaal zijn en de sterkte wordt gemaximaliseerd.
Fysisch-chemisch werkingsmechanisme
De spleetbreedte beïnvloedt de capillaire krachten tussen het soldeermateriaal en het metaal. Een te kleine breedte kan spanningen veroorzaken, terwijl een te grote breedte het soldeermateriaal vertraagt.
Metallurgische relevantie en risico's bij het lassen
Een ongeschikte spleetbreedte kan leiden tot spanningsopbouw en scheuren. Te kleine spleten kunnen hete scheuren geven, te grote spleten leiden tot onvolledige verbindingen en lage sterkte.
Werkplaats en praktische instructies
De spleetbreedte moet tussen 0,2 mm en 1 mm liggen, afhankelijk van het metaal en de soldeertemperatuur. Bij hoogsterk staal is een dunne spleet (ca. 0,3 mm) beter; bij zachtere metalen kan de spleet iets breder zijn (ca. 0,5 mm).