Soldeerlegering-smeltinterval
Soldeerlegering-smeltinterval is het traject tussen solidus- en liquidustemperatuur, waarin het soldeer pastief is. Een brede spreiding helpt bij het vullen van de spleet zonder vloeien.
Fysisch-chemisch werkingsmechanisme
Het smelttraject van het soldeerlegering definieert de temperatuurgebieden waarin het metaal overgaat van vast naar vloeibaar en weer terug naar vast. Solidus is het punt waaronder het metaal volledig vast is en vanaf waar het plastisch wordt; liquidus is het punt waarop het volledig gesmolten is.
Metallurgische relevantie en risico's bij het lassen
Een breed smelttraject (groot verschil tussen solidus en liquidus) maakt een betere vulling van spleten mogelijk zonder vloeien. Een te smal traject kan leiden tot vloeimiddelinsluitingen, wat de mechanische sterkte van de lasnaad aantast. Bovendien kan een te breed traject leiden tot ongelijkmatige afkoeling en mogelijke scheuren.
Werkplaatspraktijk en instructies
Om het smelttraject van het soldeerlegering optimaal te benutten, let op de volgende punten:
• Temperatuurregeling: Houd de lasnaad dicht bij het solidus-punt om een pasta-achtige toestand te garanderen.
• Spleetvulling: Gebruik metalen met een breed smelttraject voor een betere spleetvulling zonder vloeien.
• Afkoeling: Zorg voor een gecontroleerde en gelijkmatige afkoeling om scheuren te voorkomen.