Rest-austeniet
Het aandeel austeniet dat na het volledige afschrikken niet in martensiet is omgezet en in de structuur achterblijft. Een te hoog aandeel kan leiden tot maatafwijkingen en verminderde slijtvastheid.
Na het afschrikken blijft er in de las een deel austeniet over dat niet is omgezet in martensiet. Dat is zachter dan martensiet en kan maatveranderingen veroorzaken omdat het zich bij warmte anders gedraagt dan de rest van de structuur. Het verlaagt ook de slijtvastheid van de las. Om niet te veel restausteniet te krijgen, moet je de afkoeling gecontroleerd en vlot uitvoeren. Houd de afkoeltijd in het kritische gebied kort, dus geen lange warmte-isolatie of langzaam afkoelen. Zo druk je het austenietgehalte omlaag en wordt de las harder en stabieler.