Lasnaadgeometrie
De lasnaadgeometrie verwijst naar de exacte vorm en afmetingen van de naad, inclusief verhoging, flankhoek en inbrandingsdiepte. Deze bepalen de draagkracht en het uiterlijk van de verbinding.
Fysisch-chemisch werkingsmechanisme
De geometrie van de lasnaad beïnvloedt de spanningsverdeling en de mechanische sterkte van de verbinding. Een optimale geometrie leidt tot een gelijkmatige spanningsverdeling, wat scheuren en slijtage vermindert.
Metallurgische relevantie & risico's bij het lassen
Een ongelijkmatige lasnaadgeometrie kan leiden tot hoge lokale spanningen, die kunnen leiden tot scheuren of slijtage. Een te diepe inbranding kan het materiaal onder de naad verontreinigen en de sterkte ervan aantasten.
Werkplaatspraktijk & instructies
Om een goede lasnaadgeometrie te garanderen, let op de correcte instelling van het lasapparaat. Zorg ervoor dat de flankhoek tussen 30° en 45° bedraagt en dat de verhoging van de naad niet meer dan 1,5 keer de dikte van het materiaal is. Een inbranddiepte van 2 tot 3 mm voor dunne materialen en 3 tot 4 mm voor dikke materialen is aanbevolen.