Spray-lichtboog overgangsstroomsterkte
De spray-lichtboog overgangsstroomsterkte is het punt waarop de lichtboog bij het lassen overgaat van een kortsluit- of globulaire-lichtboog naar een fijndruppelige spray-lichtboog. Deze overgang hangt sterk af van de draaddiameter en de gassamenstelling.
Fysisch-chemisch werkingsmechanisme
De overgangsstroom van de sproeiboog is de stroomsterkte waarbij de boog tijdens het lassen verandert van een onrustige kortsluitboog of globulaire boog naar een fijndruppelige sproeiboog. Deze overgang wordt veroorzaakt door een verandering in de gassamenstelling en druk, die het boogtype beïnvloeden.
Metallurgische relevantie & risico's bij het lassen
Een te lage overgangsstroom kan leiden tot onregelmatige druppelvorming en een onrustige boog, wat resulteert in slechte lasresultaten en meer fouten. Een te hoge stroom kan daarentegen leiden tot een te hoge temperatuur en een sterke sproeiboog, wat kan leiden tot grovere structuur van het metaal en een verminderd lasvolume.
Werkplaatspraktijk & instructies
De overgangsstroom moet zodanig worden ingesteld dat de boog overgaat in een fijndruppelige sproeiboog, zonder te hoog of te laag te zijn. Dit kan worden bereikt door het aanpassen van de draaddiameter en de gassamenstelling. Voor de allrounder-draad met een diameter van 1,6 mm bij een gassamenstelling van argon en kooldioxide (75/25) bedraagt de overgangsstroom typisch tussen 300 en 400 ampère.